dinsdag 22 januari 2008

Uittreksels discussie-en werktekst BBTK voor sociaal overleg van 18 januari.

Op vrijdag 18 januari ging er een eerste sociaal overleg met de syndicale afvaardiging (3 LBC + 1 BBTK) door met de toekomstige directrice Mevr. Lemmens en het hoofd van de personeelsdienst Anja Meert. Wij publiceren enkele uittreksels uit de discussie-en werktekst van BBTK ter voorbereiding van deze vergadering. Er werden op de vergadering ook enkele (andere) pistes bediscussieerd die nu zullen nagegaan worden door de directie betreffende praktische haalbaarheid.
Wat betreft de voorgestelde bufferzone van 10 minuten (lees verder) stond BBTK alleen. Er zal wel uitgezocht worden of het mogelijk is enkele praktische problemen op te lossen door de opstelling van de prikklokken te veranderen.

A. Te strikte tijdsgrenzen prikklok: een overbodige steen des aanstoots…

Probleemstelling:
Het verschil tussen de marge tijdens het begin van de shift (2 minuten, vanaf 3de minuut wordt arbeidstijd afgetrokken) en het einde van de shift (pas vanaf 16de minuut overuren) wordt als unfair beschouwd door het personeel (met inbegrip sommige diensthoofden) Ook voor het einde van de middagpauze geldt de ‘2 minutengrens’. Uiteraard wordt er verwacht dat iedereen op tijd aanwezig is…

Dit onevenwicht zou best gecorrigeerd worden (…)

De opmerking dat men de elektronische tijdsregistratie ziet als een uiting van gebrek aan vertrouwen van de directie in het personeel, komt steeds terug.

De ‘2 minutengrens’ geeft aanleiding tot heel wat wrevel omwille van:

1. Het half uur pauze tijdens de middag blijkt soms vrij krap te zijn waardoor er soms eens licht over de ‘2 minutenbarrière’ wordt gegaan. Het wachten op de liften, aanschuiven in de rij aan de cafetaria,…, kunnen voor de nodige vertraging zorgen.

2. ’s Morgens kan er soms een file ontstaan aan de liften doordat het personeel de maaltijdkarren moet meenemen (terwijl we eigenlijk officieel nog niet werken aangezien we nog niet geprikt hebben)

3. Er bestaat duidelijk een discriminatie op vlak van de plaats van de prikklokken en dus de tijdsduur eer men deze bereikt. Een eenvoudige oplossing zou zijn om IEDEREEN dezelfde prikklok te laten gebruiken op een centrale plaats. In de nieuwbouw staat de prikklok aan de kleedkamers, het meest logische zou zijn dat dit voor de oude bouw ook het geval is: daarmee kan deze discussie voor eens en voor altijd afgesloten worden.

4. Het gelijkheidsprincipe komt duidelijk in het gedrang door het feit dat het diensthoofd beslist of een priktijd al dan niet aangepast wordt. Uit verschillende gesprekken met o.a. diensthoofden kon ik uitmaken dat er hier heel wat verschil op zit. Sommige diensthoofden corrigeren de priktijd niet en nemen de regels dus zeer strikt. Anderen hebben geen moeite om de priktijden aan te passen (vooral bij de middagpauze dan) en hanteren bijvoorbeeld een maximum van ’10 minuten te laat’ of brengen de reden van het te laat komen al dan niet in rekening.
(...)

Voorgestelde oplossing vanwege BBTK:
Het hanteren van een universele grijze zone of buffer van 10 minuten voor zowel het begin van de shift, het einde van de pauze én de overuren. Dus in de praktijk betekent dit dat er pas vanaf de 11de minuut automatisch arbeidstijd wordt afgetrokken én er vanaf de 11de minuut overuren KUNNEN aangerekend worden.
(…)

Indien men er van uitgaat dat het personeel sowieso ‘profiteert’ is men niet goed bezig in ons ziekenhuis. De tijdsregistratie blijft uiteraard en dit houdt het diensthoofd niet tegen om een personeelslid aan te spreken over al dan niet systematisch te laat te komen. De tijdsregistratie mag geen ‘elektronische cipier’ worden of de taak van het diensthoofd overnemen.

Een universele buffer van 10 minuten lijkt ons een redelijke vraag in een sector waar we niet aan de band staan en het werk onmogelijk perfect op de minuut af te timen is. Het zou spijtig zijn dat we in het midden van het verpamperen van een patiënt plots alles laten vallen en de boodschap geven dat er straks wel iemand het werk zal komen afmaken. Een absurd voorbeeld (hopelijk toch?) dat echter de zaken duidelijk maakt. Dit is nochtans de impliciete boodschap die men geeft door de zeer strikte grenzen zoals ze nu van toepassing zijn.

B. Wordt het protocol van 3.11.06 tussen directie en de syndicale afvaardiging naar de letter en de geest gerespecteerd op de diensten? BBTK kan alleen maar vaststellen dat dit niet het geval is.

C. De vele praktische problemen door een gebrekkige voorbereiding bij de invoering van de elektronische tijdsregistratie en nieuwe uurroosters dienen dringend en met de vrijmaking van de nodige middelen aangepakt te worden.

Besluit:
BBTK hoopt dat de directie het sociaal overleg ernstig neemt en bereid is constructief mee te werken in het zoeken naar oplossingen. Dit is alvast het geval voor BBTK. Indien het sociaal overleg strandt in een dovemansgesprek en enkel ‘lege dozen’ oplevert, zal BBTK zijn houding herevalueren.